Cavalerie Ere-Escorte

Door de eeuwen heen hebben vorsten zich laten omringen door ere-escortes te paard. In de Middeleeuwen waren dat edellieden in volle wapenuitrusting. Later kwamen daarvoor militaire escortes in de plaats. Sinds de eerste Opening van de Staten-Generaal in 1815 werd de stoet geopend door een commando Cavalerie. Pal achter de staatsiekoets, waarin de Koning was gezeten, reed ter sluiting van de stoet nog een detachement Cavalerie.

Toen na de Tweede Wereldoorlog het paard uit de bewapening van de Nederlandse Krijgsmacht was verdwenen, is daarmee aanvankelijk ook de traditie van het ere-escorte te paard komen te vervallen.

Bij de rijtoer in Amsterdam na de inhuldiging van H.M. koningin Juliana in 1948 werd de Crème Calèche eveneens begeleid door een ere-escorte van officieren, ditmaal afkomstig van de Cavalerie, de Rijdende Artillerie en de Veldartillerie. In 1950 werd door de reserve-kolonel der Huzaren jonkheer P. Six een fonds gesticht, met als doel de uniformering van een toekomstig ere-escorte van de Cavalerie. Toch zou het nog tot het huwelijk van H.K.H. prinses Beatrix en jonkheer Claus von Amsberg in 1966 duren, voordat er van het Cavalerie Ere-Escorte sprake was. In dat jaar reed er een ere-escorte bestaande uit 2 pelotons officieren en reserveofficieren van de Cavalerie voor en achter de Gouden Koets mee in de trouwstoet naar het Stadhuis en aansluitend naar de Westerkerk. Op 25 november 1966 werd de Stichting Cavalerie Ere-Escortes (de s zou later verdwijnen) opgericht door kolonel der Huzaren R.O. van Manen,  luitenant-kolonel der Huzaren N.J. Broertjes en majoor jonkheer A. van der Goes. Doel was “… de voortzetting te bevorderen van de tradities van het Wapen der Cavalerie op het gebied van bereden ere-escortes ten behoeve of op wens van H.M. de Koningin of andere leden van het Koninklijk Huis”. De samenwerking tussen de Stichting en het Commando Landstrijdkrachten is geregeld in een zogeheten convenant met de Staat der Nederlanden. Krachtens dit convenant is de commandant verantwoordelijk voor voldoende personeel, opleiding, getrainde paarden en ruiters, de ceremoniële uitrusting en de bedrijfsvoering.

Het Cavalerie Ere-Escorte kan op verzoek van de Commandant Landstrijdkrachten -naast de opening van de Staten-Generaal op Prinsjesdag- worden ingezet bij voorkomende ceremoniële taken, zoals de Koninklijke Inhuldiging, koninklijke huwelijken of koninklijke bijzettingen. Maar ook de bereden inzet tijdens ceremoniën van het Wapen der Cavalerie behoort tot haar doelstellingen. De ruiters, voortkomend uit alle cavalerieregimenten van de Koninklijke Landmacht en voor een groot deel bestaande uit reservisten, oefenen onder leiding van een groep instructeurs gedurende het jaar in escorteverband. Tevens worden er lessen gegeven, waaronder sabelexercitie, het onderhoud van het harnachement (zoals zadel en hoofdstel) en de verzorging van het paard. Voor zij worden toegelaten tot het Ere-Escorte leggen de ruiters o.a. het examen Militair Ruiterbewijs en de Defensie Conditieproef af.

De paarden voor dit escorte zijn voornamelijk afkomstig van de ruiters zelf of van particulieren. Tijdens de over het land gespreide oefendagen worden onder toezicht van paardenartsen en hoefsmeden ook nieuw aangeboden paarden op hun geschiktheid om in escorteverband te rijden getoetst en getraind. Teneinde de geoefendheid op peil te kunnen houden, hebben de diverse trainingsbijeenkomsten van (delen uit) de eenheid tijdens de afgelopen maanden steeds onder het regime van de RIVM-richtlijnen doorgang gevonden. Dit zal zolang deze richtlijnen gelden ook het geval zijn voor komende samenkomsten.

 
cee-paukenpaard
 
cee-stwcht
cee-strand-zingende-escorteurs-1e-pel
 

RHPCA

Binnenkort meer.